100 jaar Walckerorgel

Bij elke kerkdienst kunt u genieten van het Walcker-orgel. Heel vaak kiest onze cantor-organist interessante werken uit de orgelliteratuur die passen bij het Walcker-orgel en bij de thematiek van de periode in het kerkelijk jaar. Soms krijgen grotere werken na de dienst een plaats, die worden op het liturgieboekje en de website van de kerk afgekondigd.

Tenzij anders aangegeven worden de concerten georganiseerd door de Stichting Doesburgse Muziekcultuur.           Voor meer informatie klik concertagenda aan en bekijk de website www.stidomu.nl

Korte geschiedenis van het Walcker-orgel

                      

Het Walckerorgel in Rotterdam           Front Walcker-orgel

Voor ons grote orgel is de honderdste verjaardag toch wel een bijzonder moment. Op 29 maart 1916 werd het instrument in Rotterdam in gebruik genomen. Gebouwd door een Duitse wereldberoemde firma, die het, ondanks de Eerste Wereldoorlog, toch nog lukte om aan de benodigde hoeveelheid orgelmetaal te komen (orgelmetaal is een legering van tin en lood).

In 1940 overleefden het instrument en zijn kerk, de schitterende Nieuwe Zuiderkerk, het bombardement op Rotterdam. De Doesburgse Martinikerk was echter een minder gelukkig lot beschoren; we kennen allemaal de foto's van de verwoestingen op 15 april 1945.

Eind jaren '60 viel het doek voor de prachtige Rotterdamse kerk; de Westzeedijk moest in het kader van de Deltawerken 5 meter opgehoogd worden en dat zou instandhouding van de kerk moeilijk en kostbaar maken. Juist toen het Walcker-orgel te koop werd gezet, stond de Martinitoren weer fier overeind. Het orgel werd eind 1968 door de Doesburgse kerkvoogdij aangekocht en zo konden in augustus 1972 Martinikerk én Walcker-orgel, in het bijzijn van H.K.H. Prinses Beatrix, feestelijk in gebruik worden genomen.

Het orgel overleefde zo ook de grote veranderingen in de muzikale smaak en voorkeur die zich in de 20ste eeuw manifesteerden, met name de ontwikkelingen op het gebied van de authentieke uitvoeringspraktijk van muziek: met historische instrumenten, of kopieën daarvan. Ook de orgelbouw maakte een grote verandering door: men heroriënteerde zich op instrumenten uit de 17e en 18e eeuw, waar heldere registers in relatief kleine aantallen werden gecombineerd om een heldere klank te geven. De verbinding tussen toetsen en ventielen werd weer mechanisch. Deze heroriëntatie is heel goed hoorbaar in ons Flentrop-orgel uit 1953.

Het Walcker-orgel is juist gebouwd vanuit een orkestraal ofwel symfonisch principe: vele registers worden gecombineerd om samen de volle brede toon te geven, zoals in een orkest. En de verbinding tussen toetsen en ventielen was, om de organist meer speelgemak te geven, niet mechanisch maar elektro-pneumatisch. Toch is het allereerste begin van de heroriëntatie op de barokke orgelbouw ook in het Walcker-orgel merkbaar: daarvan getuigen bepaalde heldere registers, zoals Cornetten en Mixturen, die gebouwd zijn naar voorbeelden van Silbermann, een Duitse orgelbouwer uit de tijd van Bach.

Naar boven